HOME FOTO'S INFORMATION BRIJBEK LINKS CONTACT
Choose your language:      nederlands   deutsch   English   Francais

Archief:

2014
  • 28-07 Ut in Kroadfol Brijbekken
  • 24-07 Fiifensantich jier lyn
  • 24-07 Workum van Vroeger en Nu
  • 19-07 Fiifensantich jier lyn
  • 19-07 Workum van Vroeger en Nu
    >> meer

    2013
  • 26-12 Fyftich jier lyn
  • 21-12 Fyftich jier lyn
  • 15-12 Workum van Vroeger en Nu
  • 11-12 Fyftich jier lyn
  • 10-12 Workum van Vroeger en Nu
    >> meer

    2012
  • 16-12 Workum van Vroeger en Nu
  • 10-12 Workum van Vroeger en Nu
  • 02-12 Workum van Vroeger en Nu
  • 22-11 Workum van Vroeger en Nu
  • 13-11 Út In Kroadfol Singeliere Brijbekken
    >> meer

    2011
  • 29-12 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 05-11 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 15-09 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 17-08 Út In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 29-06 Út In Kroadfol Singeliere Brijbekken
    >> meer

    2010
  • 25-12 út: In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 19-12 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 09-12 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 30-11 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
  • 26-11 Ut In Kroadfol Singeliere Brijbekken
    >> meer

    2009
  • 01-12 In riedling oplost?
  • 01-12 Warkumer Keamer
  • 26-11 ‘De Wytsturt’, in Warkumer stamboekbol
  • 26-11 Oaljekoeken
  • 26-11 Oud Nieuws
    >> meer

  • 12 - 10 - 2010 - Keuringsdei 2010

    Uitslagen Keuringsdei 2010

    Rubriek 1, Oudere Koeien

    Mooie kwaliteit, met best beenwerk en dito gebruik zo luidde in zijn algemeenheid het oordeel van de jury over de ‘matsjedoaren’ van deze rubriek. Bovenaan op 1A werd geplaatst de kampioen van vorig jaar Alida 24 van J. van der Valk, Workum. Een mooie lange koe, voldoende breed over de rug met een beste uier, bovendien vlot over de benen en veel melktypische uitstraling. Die beste uier betekende in deze rubriek tevens het groene lint voor die kwalificatie. Een kandidaat dus voor opnieuw een kampioenschap. Dat gold eveneens voor de als tweede op 1B geplaatste R Foekje 14, een nazaat van Delta Werner, van maatschap J. & T. & R. Noordenbos, It Heidenskip. Een imposante verschijning met een sterke bovenbouw, beste mooie en fraai gewelfde ribben. Ook deze kanshebber op goud beschikt over een kwaliteitsuier met mooie spenenplaatsing. Het ereschavot wordt als laatste bezet door Trijntje 155, een fokproduct van Jerslev Stormatic Graphic, en eigendom van maatschap J. & E. Terluin, It Heidenskip. Een mooie lange koe, een best achteruier, maar de voorhand kon iets beter, toch een sieraad voor het ereschavot. Dan volgt op 1D Reino 44 van Noordenbos. Een sterk gebouwd dier met voldoende inhoud, een kwaliteitsuier, maar de melkopdruk blijft iets achter bij die van het koptrio. Zij blijft met miniem verschil de rastypische Fockema-oord Wikje 173 van A.M. Jorna, Gaast, voor. Deze afstammeling van Roylane Jordan ET toont veel melkopdruk, beschikt over voldoende lengte en een breed kruis. Ook Thura, een Stadel-Red nakomeling, van maatschap F.S. & S.J. Dijkstra-de Boer uit Hemelum, die op 1F wordt geplaatst, is een melktypische imponerende verschijning, maar is in de voorhand iets smal, waarbij nog minieme aftrekpunten voor een iets te ruime uier een doorstroming naar hogere regionen belet. Fockema-oord Hiltje 166 van Jorna doet niet veel voor haar naaste belager onder, maar een bemerking op het kruis voorkomt een hogere plaatsing. Als goed slotnummer van de kwaliteitsvolle robuuste rubriek komt op 1H Petra 60 van Van der Valk. Zij beschikt over voldoende melktypische uitstraling, maar haar bewegingsapparaat laat een steekje vallen en het achteruier kon beter, is ‘in bytsje smel’ aldus de jury. In de breedte gezien een mooie rubriek en sommige juryleden die al een aantal jaren hier niet in de ring waren verschenen spraken als gemiddeld oordeel over de gehele keuring uit dat ‘Workum’ beslist vooruitgang heeft geboekt. Een compliment aan alle inzenders, waarvan graag akte.

    Rubriek 2, Oudere Koeien

    Hier is de primus inter pares Caudumer Hinke 66 van Haytema-Haitsma. Deze beste uniform ontwikkelde melktypische topper straalt dat ook uit en beschikt over een best, fraai beaderd uier van voldoende lengte met goed geplaatste spenen, dat levert ook het groene lint voor de beste op dat onderdeel van de rubriek. Op een banddikte om in wielertermen te spreken wordt zij op 1B gevolgd door Reino 53, een nazaat van Cocktail 19, van Noordenbos. Zij is een goed ontwikkelde verschijning, vierkant in stap, best beengebruik dus, toont een mooie bovenlijn met aansluitende goede ribben, met voldoende welving en een best uier. Op 1C vinden we T Mina 136 van Van der Valk. Een correct gebouwd fokproduct van Art-Acres Win 395. Zij beschikt over een beste uier, maar de bemerking over de lengte van de body levert minpunten op. Toch een mooie verschijning op het erepodium van deze rubriek. Caudumer Hinke 76 van Haytema-Haitsma, is de eerste die in de schaduw van de ‘grote drie’ mag verwijlen. Een melktypisch dier met een bemerking op de vooruier en de benen konden krachtiger. Diezelfde bemerking geldt ook voor de goed ontwikkelde op 1D geplaatste Rika 282 (een Woudhoeve Superior) van Van der Valk. Zij heeft een beste middenhand en dito te kwalificeren ribben en tot nog toe anders dan haar beroemde ‘voorvader’ Rika 49 van vader Piet Y. van der Valk, silger, is op dit moment nog geen hoofdrol voor haar weggelegd. Die 49e telg uit dat ‘bislach’ slaagde erin om gedurende haar ‘loopbaan’ op Keuringsdei totaal 25 eerste prijzen te behalen, hoe faek hat sûnt it sânglês omkeard west! Dan volgt op 1F Fockema-oord Hendrina 378 van Jorna. Zij wisselde op het laatste moment van plaats met de uiteindelijk op 1G geplaatste Caudumer Hinke 67 van Haytema-Haitsma. Hendrina is van goed type met een fraai zijaanzicht, beste ribben, dito uier dat over goede banden beschikt. Die uier vooral was de ooorzaak dat de Caudumer-telg moest wisselen. Zij is overigens een langebouwd dier, met ‘lingte oer de rêch’, maar de jury beoordeelde de uier als ietwat aan de slappe kant. Als best slotnummer van deze gevarieerde rubriek stond op 1H een nakomeling van Shoremar James, Fockema-oord Hiltje 181 van Jorna. Een goed ontwikkeld melktypisch dier, met goede ribben, kon in stap iets krachtiger zijn.

    Naar de spelregels verordonneren mochten de kopnummers hun kans op een kampioenschap later op de middag proberen te verzilveren, maar zoals we zullen zien kwamen ze daar te kort.

    Rubriek 3, Tweedekalfskoeien

    Zes dieren moesten in deze rubriek gaan uitmaken wie het eremetaal mee mocht nemen. Het erepodium werd hier geheel gevuld met dieren uit de befaamde Kuipers-fokkerij, die na een jaar afwezigheid voor weerwerk zorgden. Ook de laatste plaats, 1F, was voor een dier uit hun fokkerij, namelijk Shottle Janna. Zij beschikt over een ietwat zware voorhand, mooi goed gevormd kruis, maar het beenwerk kon beter. Sam Vera kwam na een mooie kamp op 1A. Zij heeft een mooi frame met voldoende lengte, is kortom evenredig gebouwd, beschikt over goed beenwerk en gebruikt dat elastisch, haar beste uier – de beste van de rubriek – bezorgde haar de nodige extra punten. Op korte afstand werd ze gevolgd door Femcora, die vooral compleet genoemd kan worden, over een goed gevormd kruis en beste ribben met fraaie welving beschikt. Chaple Jolie verdiende dan het brons, doet niet echt onder voor haar eerder gefinishte stalgenoten, is namelijk groot, heeft ook een mooie ribpartij, echter het beenwerk is iets minder.

    Tegen al dit geweld uit It Heidenskip kunnen de ‘VanderValken’ niet op. Sneker 94 krijgt 1D. Zij is groot en imposant, mist echter iets melktype, beschikt over een best ‘jaer’ met voldoende ‘bloei’, een der mooiste typeringen in het keuringsjargon gebruikelijk. Heeft ook goed gevormd beenwerk, maar gebruikt dat niet optimaal. Rika 288 verovert dan 1E. Volgens de jury een ‘bak’ van een dier, groot dus, met best goed gevormd kruis en een goede balans in het skelet.

    Rubriek 4, Tweedekalfskoeien

    Een rubriek met drie ‘útrinners’ zoals de jury stelde en van die drie werd op 1C geplaatst Fockema-oord Hendrina 381 van Jorna, Gaast. Zij beschikt over een beste uier, dat haar het groene lint voor de bij die bekroning behorende kwalificatie opleverde. Heeft een best, goed gevormd hellend kruis, ook best beenwerk, maar in het gebruik ervan valt een minpuntje te noteren. Qua zijaanzicht, aldus de jury is er geen betere in deze rubriek, maar helaas is daarvoor geen prijs beschikbaar. Net boven haar eindigt met miniem verschil haar stalgenoot Hendrina 382. Een fraaie opsteker dus voor Jorna die na een jaar afwezigheid een goede concurrent blijkt. Hendrina 382 heeft ook een best, mooi beaderd uier, bezit lengte en heeft best beenwerk. Beide ‘Jorna’s’ moeten het echter afleggen tegen de superioriteit uit de fokkerij van Noordenbos. Op 1A komt hun dochter van Faber Red, de sterke met best beenwerk gezegende Reino 59. Zij heeft evenals haar stal- en naamgenote Reino 60 een beste uier, goed beaderd ook. Is een sterk gebouwde, robuust aandoende koe mest best beenwerk. In de melkopdruk laat zij echter een steekje vallen. Op 1D dus de tweede vertegenwoordiger van Noordenbos. Deze met rangordenummer 60, vader Delta Florida, uit het Reino-laech gefokte dier is compact met naast het al genoemde beste uier, best beenwerk dat ook zo wordt gebruikt. Op 1E vinden we dan Artic Jetske van Kuipers, een dier met een beste uier, best beenwerk, voldoende rastype en een kleine bemerking op het kruis. Op 1F de lange goed gebouwde verschijning van Laudia 95 (vader Delta Olympic) van A.R. Hylkema, Gaast. Omdat haar uier iets onbalans vertoont is een hogere klassering vandaag niet haalbaar. Zij wordt gevolgd op geringe afstand door Rika van Van der Valk. Een jeugdig aandoend dier met goede benen, die ze ook als zodanig weet te gebruiken. Trijntje 161 (een jonge Ruud Trevor) van Terluin, sluit de rijen van deze goede rubriek met, zoals gemeld, drie beste koplopers. Zij heeft voldoende lengte en hoogte en beschikt over een goed, voldoende hellend kruis.

    Rubriek 5, Tweedekalfskoeien

    Een kleine, maar interessante rubriek met als topper een echte kampioenskandidaat, namelijk Damion Eileen, een dochter van Erbacres Damion. Zij is geboren en getogen in de fokstal van Kuipers. Behaalde als kalf al eens een kampioenschap, dus geen gebrek aan ambitie. Maar zoals vele topsporters beamen is kampioen worden niet zo moeilijk als het continueren van een dergelijke prestatie. Damion Eileen heeft het beste uier van de rubriek, daar begint de score al mee. Dat uier bezit bovendien breedte en lengte, ook kwalificaties die punten leveren, voed daarbij de kwalificatie hard en sterk gebouwd. En dan nog eens als een ‘stikje bûter yn ’e brij’ beschikt ze over hele goede verhoudingen. Zij wordt op de hielen gezeten door Fockema-oord Akke 120 van Jorna, die breed en lang gebouwd is, ook een heel goed kruis - voldoende hellend – heeft dat gepaard gaat met een sterke bovenbouw. Haar beenwerk is droog, zie is vierkant in stap en heeft een best uier, dat echter voor het achtergedeelte een kleine bemerking krijgt, aftrekpunten dus. En de kans op het goud verspeelt ze doordat ze iets minder showt dan de pupil van Kuipers.

    Als laatste klimt op het erepodium een fokproduct van Van der Valk, en wel een dochter van VAH Wonderboy, genaamd Dedje 459. De oorsprong van deze van grootvader Jacob van Dijk overgeërfde stam ligt inmiddels wel zo ongeveer 100 jaar terug. Dedje wordt door de jury als een sympathiek dier omschreven met een best uier dat met goede ophangbanden punten scoort, hetgeen eveneens het geval is met haar duidelijk aanwezige melkopdruk. Minpunten zijn er ook. Ze wordt iets grof bevonden en straalt iets te weinig macht uit. Jorna komt hier met Fockema-oord Wikje 180 op een mooie 1D. Wikje heeft voldoende lengte, evenals haar opponenten een best uier en het beenwerk is droog, een kwalificatie die positief meetelt. Haar kruisvorm levert echter negatieve score op en resulteert dan in de al vermelde plaatsing. Als mooi slotnummer fungeert Hotsche 17 van Terluin. Deze Nederhorst Darwin dochter beschikt over een sterke, voldoende beaderde uier, is wel aan de lichte kant en de voorhand zou iets meer maat kunnen hebben. Toch zou ik haar, aldus het complimenteuze commentaar van het explicerende jurylid, met graagte in mijn melkstal hebben.

    Rubriek 6, Vaarzen

    De uitslagen van de rubrieken tonen dat redelijk vaak de titel voor de beste uier terechtkomt bij de als eerste geplaatste. Dat is hier eveneens het geval. Die eer verwerft Reino 61 van Noordenbos. Bovendien is zij best ontwikkeld en evenredig gebouwd, waarbij misschien iets kracht in het geheel ontbreekt. Voor Noordenbos, die al vele malen gelauwerd is op Keuringsdei, weer een kandidaat voor goud bij de kampioensrubriek. Op twee, 1B dus, Laudia 100 van Hylkema. Zij heeft een mooi, melktypisch skelet, maar kon iets meer macht hebben, krachtiger zijn in ‘it fuotark’, dat wel goed wordt gebruikt. Het leidende trio wordt voltooid met Dedje 461 van Van der Valk. Een correcte sterk gebouwde koe, die echter punten laat vallen door de iets minder aanwezige melkopdruk. Kort achter haar eindigt Dolman Julli;T van Kuipers, die goed ontwikkeld is, voldoende melkopdruk toont en goed beenwerk heeft maar in stap punten moet inleveren. Dan opnieuw een telg uit het Laudia-geslacht van Hylkema, Nu volgnummer 97, die dus op 1E komt. Haar uier bezorgt haar aftrek, maar ze is zeker een melktypische adellijke verschijning, die voldoende lengte bezit. Met Reeuwkje 149 komt Noordenbos op 1F, een fors ontwikkelde dame met een beste middenhand, maar het beenwerk levert bemerkingen op, zodat een hogere bekroning er deze keer niet inzit. Tenslotte wordt de rubriek afgesloten door een drietal dames van goede komaf van Hylkema. Op 1 G komt de Ladino Park Talent-imp-ET dochter Margretha 200, een luxe verschijning met voldoende melktypische opdruk, beste ribben met voldoende welving. Haar ‘verdwijnpunten’ worden veroorzaakt door een iets mindere achterhand en de bemerking op de uier. Haar stalgenoot Cilia 93 is gerekt en van een soortig type, voldoende melktypisch ook, maar mist kracht. Dat geldt eveneens voor de soortige Moriaantje 513 die, gelet op het volgnummer uit een stam komt die al een aantal decennia op het bedrijf aanwezig is, en voldoende openheid en melkopdruk toont. Een mooie rubriek met goede kopnummers.

    Rubriek 7, Vaarzen

    Het ‘bêste jaer’ en dus het groene lint is, naast 1B-klassering, voor Caudumer Hinke 97 van Haytema-Haitsma, een groot sterk gebouwd fokproduct van Roos Stadel Classic. Zij is gezegend met een robuuste bovenbouw, heeft dus een mooi, goed beaderd uier met correcte spenenplaatsing, is vlot in de beweging, stapt makkelijk, maar het beenwerk kon op onderdelen iets droger zijn. Door deze bemerking is een 1A voor haar te hoog gegrepen, die plaats is nu weggelegd voor Frida 192 van Noordenbos. Zij is best ontwikkeld, goed van lengte met beste ribben, goed gewelfd bovendien, paart een best, enigszins hellend kruis aan goed droog beenwerk, gebruikt dat ook voldoende goed en de uier, is goed aangehecht en mooi beaderd. Haar stalgenoot Reino 63 moet dus Caudumer Hinke 97 voor laten gaan maar komt met glans op 1C. Zij is zeker melktypisch te noemen, heeft net als Frida beste ribben met dito welving en ook de uier is van voldoende kwaliteit met correcte ophanging. Van de twee ijzers die Kuipers in deze rubriek in het vuur heeft komt Advent Reginia op 1D. Zij is goed ontwikkeld, maar om een toppositie te kunnen claimen mist ze openheid. Een derde kanshebber van Noordenbos is Reeuwkje 152, maar zij strandt op 1E. Zij is van voldoende type, mist jeugdigheid maar haar melktypische uitstraling is van goed gehalte, beschikt over een best en goed geplaatst uier.

    Op 1F vinden we dan Ymkje 84 van Terluin. Zij heeft voldoende melkrijkheid en een goed kruis, maar is vandaag niet echt van zessen klaar (een kwalificatie uit de paardenwereld, waar een goed paard minimaal over twee goede ogen en vier beste benen moest beschikken) met name laat ze op het beenwerk steekjes vallen, en daardoor niet in staat om al haar zeker aanwezige charmes te benutten. Fockema-oord Akke 123 is een mooi ‘rier’, aldus de jury, maar mist iets breedte in de voorhand, heeft een beste uier, dat echter iets hoger aangehecht kon zijn. Niettemin straalt ze voldoende adel uit om voor Jorna’s fokstal een 1G te verdienen, daarmee snijdt ze Laurin Sanne van Kuipers de pas af, die op 1H de rijen van deze goede rubriek sluit. Kuipers’ atleet toont naast melktype veel jeugdig bravour, maar mist breedte en kracht.

    Rubriek 8, Vaarzen

    Hier bonden een zestal toppers de strijd aan om het eremetaal. Opnieuw is het Kuipers die het nazien heeft, want met Laurin Sylvie verovert hij 1F. Zijn ‘rier’ heeft lengte en hoogte, de kleur op de uier, de ‘bloei’, kon beter, laat naar het oordeel van de jury te wensen over, en dat geldt eveneens voor de conditie van het beenwerk. Dedje 467 van Van der Valk streeft haar voorbij, is ook de kleinste van het gezelschap, heeft goede ‘fuotten’, een goed frame en dito uier met goede spenenplaatsing. Een trede hoger op de uitslagladder, maar nog net niet goed voor brons, staat Fockema-oord Hendrina 387 van Jorna. Zij is gezegend met veel lengte, toont veel jeugd en heeft goed beenwerk, dat ook in het functioneren doet hetgeen ermee gedaan kan worden. Het brons is weggegrist door Caudumer Hinke 102, die een beste bovenbouw paart aan veel lengte, maar het enigszins laat afweten met het beenwerk. Maar geen nood ook de beide andere eremetalen zilver en goud zijn voor fokproducten uit de stal van Haytema-Haitsma. Op 1B dan Coudumer Anna 61, een fraai ogende vaars met eveneens lengte, daarnaast een best kruis en dito uier, benevens best beenwerk dat ook goed functioneert in het gebruik. Het goud van 1A is dan voor Caudumer Hinke 111, de ‘útrinner’ van dit ‘selskip’, een schitterend ‘rier’ zegt de jury ervan, met jeugdig elan, best gevormd kruis, een goed uier, dat qua kwaliteit nog eens het groene lint verdient ook, en een best bewegingsapparaat. Een niet zo grote rubriek, maar gezien de krachtsverhoudingen en de goede kwaliteit een genot om te keuren, aldus de explicerend keurmeester.

    Rubriek 9, Oudere Kalveren

    Vijf toekomstige (hopelijk) ‘matsjedoaren’ van de keuring maken hier hun opwachting om voor het inmiddels wel duizendkoppig publiek de medailles te verdelen. Het was een mooie rubriek met dieren die allemaal goed scoren op lengte en hoogte.

    De hoogste score komt op naam van Caudumer Hinke 138 en haar zuster geregistreerd in de stamboom met nummer 137, beide van Haytema-Haitsma, tevens dezelfde vader hebbend, namelijk Picston Shottle ET, keert met zilver huiswaarts. Het met 1A beloonde kalf is van een sprekend type, heeft veel lengte, bezit een goede kruisvorm en bovenbouw en volgens de jury zijn de foutjes zo minimaal dat die niet echt te benoemen zijn. Hinke 137 is best ontwikkeld met lengte genoeg en heeft bovendien een sterke voorhand en bovenbouw. Als klap op de vuurpijl is de prijs voor het mooist getoiletteerde dier van de rubriek voor topper Hinke 138. Daarenboven is de beste voorbrenger die van Hinke 137. Het brons is voor Alexander Judy van Kuipers. Het is een melktypische verschijning, waarbij de voorhand en hals echter enige aftrekpunten opleveren. Aytra van Dijkstra-de Boer, Hemelum, is goed voor de vierde plaats, 1D; een mooi roodbont kalf met voldoende lengte, correct gebouwd, met goed beengebruik, maar mist iets ‘power’, heeft minder macht. Op 1E  tenslotte Mije 2 van Van der Valk, ook al een roodbonte dochter van Delta Retro, goed van lengte en hoogte, maar scoort een lichte onvoldoende op het beengebruik.

    Rubriek 10, Oudere Kalveren

    In deze rubriek opnieuw een topduo van een eigenaar, namelijk Kuipers. Baxter Della gaat met de hoogste eer strijken. Zij is zeer melktypisch met mooie gewelfde ribben en toont veel kracht in haar body te bezitten. Het zilver is voor stalgenoot L.Boy Renate, die niet achter blijft in melkopdruk, maar iets minder kracht uitstraalt. Op 1C de redelijk ontwikkelde soortige Marijke 76 van G. Terpstra, It Heidenskip, die goed gebouwd is maar het schort haar een beetje aan melktypische uitdrukking. Wel is zij het best getoiletteerd. Op 1D en 1E  dan twee fokproducten uit het ‘bislach’ fan maatschap J. & S. van Dijk, Workum. De D-bekroning is voor Truusje 136 (vader Zial Addison Ray) die redelijk ontwikkeld is en evenals haar stalgenoot Jannie 113 (vader Cervi Tugelo Silk ET) steekjes laat vallen als het om melkopdruk gaat. Jannie heeft echter wel ruim voldoende lengte en beschikte vandaag over de beste voorbrenger van de rubriek.

    Rubriek 11, Oude Kalveren

    Ook voor deze rubriek gold het adagium klein maar fijn. Een vijftal combattanten streden om de plaatsen op het podium. Het oranje, plaats 1, was voor B Bruinsje 348 van maatschap Tj.M. & A.H. Koning-Couperus, Gaast. Hoewel, die klassering werd niet zonder slag of stoot behaald. Er volgde, in de geest van het beroemde tweegevecht tussen Achilles en Hector voor de muren van het ‘winderige Troje’, zoals Homerus bijna 3000 jaar geleden dichtte, tussen B Bruinsje 348 en Saakje 41 van Terpstra een soort van barrage die het gemelde resultaat tot gevolg had. Eerstgenoemde is lang en evenredig gebouwd, zeer melktypisch qua uitstraling en beschikt over een vlotte stap. Saakje 41 dus op 1B. Eveneens sterk gebouwd, bezit een mooi ietwat hellend kruis en ‘tige bêste fuotten’, de melkuitstraling is meer dan voldoende. Daarmee stak ze Fockema-oord Betje 170 van Jorna de loef af, die overigens wel het mooist was getoiletteerd en sterk gebouwd is met een aansprekende brede voorhand en daarenboven in stap vlot is, dat alles is vandaag goed voor 1C. Net naast het podium komen Anna B 40 (Dijkstra-de Boer) en Tietje 398 (Koning-Couperus) terecht. Anna B 40 is een ‘kreas keal’ met voldoende breedte in de voorhand en toont voldoende melkuitstraling. Tietje 398, sterk gebouwd, heeft een vlotte stap, heeft ook de beste voorbrenger, mist wel luxe en heeft tevens een ietwat zware voorhand, hetgeen een hogere plaatsing heeft belet.

    Rubriek 12, Productieklasse

    Een imposante ‘rige fan de rom fan Fryslâns groun’ komt hier in de ring. En zoals de keurmeesters laten blijken is de gebruikte frase, afkomstig uit een gedicht van Jan Ritskes Kloosterman, nog altijd van toepassing op deze als neusje van de zalm te betitelen rubriek. Wat een zeldzaam goed bewaarde dieren met als topper onder zijns gelijken de Etazon Slogan-dochter Reeuwkje 107, de parel, diamant mag ook, in de kroon van het fokbedrijf van Noordenbos, die geboren is op 6.2.2001. Wat een uier, prachtig beaderd en met een voorbeeldige ‘bloei’, beste goed aansluitende banden en dito aanhechting, spenenplaatsing voorbeeldig, bovendien nog steeds beschikkend over beste benen en dito gebruik ervan. Dedje 446 van Van der Valk, ook niet voor een kleintje vervaard straalt kracht uit, heeft diepte en een beste uier, met voldoende kleur en goede benen. Dan komt op 1C de zeer goed bewaarde Caudumer Hinke 34 van Haytema-Haitsma, een dier dat gezien zijn prestaties veel respect afdwingt. Vertoont iets slijtage maar dat zal gezien de prestaties in de productie niemand verwonderen. Zij vertoont nog steeds veel melkopdruk. Wie de moeite neemt om even in de weer zeer goed door Hunia’s Drukkerij verzorgde catalogus te duiken, constateert dat Hinke 34, geboren 11.4.1999, al de respectabele hoeveelheid van 140.799 kilo melk heeft geproduceerd. De daaruit voortvloeiende kilo’s vet en eiwit hebben inmiddels de 10.000 kg overschreden. Reden voor de vertegenwoordiger van veeverbeteringsorganisataie CRV Delta, Willem Dotinga, om – met toestemming van de Kommisje - even de ring in te stappen en met een toepasselijk woord de fokker/eigenaar Sietze Henk Haytema met de eiwitbokaal te vereren en nog eens de roem te verkondigen van deze unieke koe. De laureaat trok zich zichtbaar niet zoveel aan van deze huldiging maar het door honderden geproduceerde applaus sprak boekdelen over de waarde die het ter zake al of niet kundige publiek voor deze prestatie heeft. In haar kielzog volgde op 1D stalgenoot Caudumer Hinke 44. Zij beschikt over een aansprekend exterieur met veel melkuitstraling, maar het uier hoeft niet dieper. Ook de op 1E geplaatste op 22.4.1998 geboren Dora 34 (Dijkstra-de Boer) is nog in goede conditie. Is een best bewaarde dochter van Peelfarm Zeeger en goed gebouwd met een best kruis, toont wel voldoende melkopdruk maar de conditie van het uier levert minpuntjes op. De rij wordt gesloten door Dedje 450 van Van der Valk. Een goede melktypische koe met enorm veel lengte, een beste goed beaderde uier, maar de midden- en voorhand missen diepte en het beenwerk kon beter, ‘in bytsje mank’.

    Rubriek 13, Jonge Kalveren

    Het podium in deze rubriek werd rood gekleurd door drie toppers uit de Caudumer-stal van Haytema-Haitsma. Het trio steeg enigszins boven de mededingers uit van wie Fockema-oord Betje 171 nog het dichtst in de buurt kwam. Deze Comstar-Lyman-dochter is zeker melktypisch, maar de echte ‘schwung’ in de presentatie ontbrak. Op 1E  B Bruinsje 350 (Koning-Couperus), een sterke donder, zo luidde de typering van de keurmeester, die wat minder melktypisch is en ook de ietwat zwaar aangezette hals speelde haar parten. Million Silvia van Kuipers, met voldoende lengte en hoogte maar iets te weinig power kwam op 1F. Alida 27 (Van der Valk) leed aan hetzelfde gebrek aan macht en sloot de rij op 1G. De toppers dus allemaal uit Koudum afkomstig, een eclatant succes. Bovendien moesten de aanvankelijk als een en twee opgestelde kalveren nog stuivertje wisselen, na rijp beraad van de jury. Zij herzagen op onderdelen hun waardering en plaatsten Caudumer Hinke 146 op 1A en Hinke 149 op 1B. Beide dieren tonen openheid, veel lengte en hoogte, hebben een aangename helling in het kruis en beschikken over een sterke rug. Hinke 148 eiste het brons op en doet niet veel onder voor haar stalgenoot, is heel sterk gebouwd met een best kruis en beschikt over goede benen.

    Rubriek 14, Jonge Kalveren

    Ook in deze rubriek was de koppositie voor een Caudumer, en wel Hinke 153 (Haytema-Haitsma). Zij is evenredig gebouwd, met goede benen, stapt vlot en was het mooist getoiletteerd. Op 1B Mam O Man Silke van Kuipers, een goed ontwikkeld dier met ruim voldoende melkopdruk, goede benen ook maar het gebruik ervan kon de toets der kritische keurmeester niet goed doorstaan. Als derde eindigde op 1C Jorna’s Fockema-oord Hiltje 211, een goed ontwikkeld, evenredig gebouwd kalf, liet het enigszins zitten op de melkopdruk, en werd begeleid door de beste voorbrenger. Ook Jorna’s Hendrina 392 liet van zich spreken, maar een bemerking op het kruis voorkwam een hogere klassering. Zij verwees Kuipers’ Mam O Man Iris, goed soortig type met voldoende melkopdruk, maar iets matig ontwikkeld, naar 1E.  Ook van goed type maar met een bemerking op de achterbenen is Mam O Man Anja, een stalgenootje zoals de lezer zal hebben kunnen concluderen uit de naamgeving, die op 1F deze rubriek sloot.

    Rubriek 15 Jonge Kalveren

    Vier strijders om de eer in deze goede, interessante rubriek en de hoogste eer werd opgeëist door Beatrix 112 (Van Dijk), die als meest compleet werd geduid. Met name haar goede ontwikkeling en vlotte stap zorgden voor 1A. Bovendien was zij de ‘kreaste’ van de vierschaar die om deze bekroning duelleerde. Het zilver was voor stalgenoot Loes 106, een fraai melktypisch dier dat voldoende breedte in de bouw bezit en een goed kruis heeft en zo goed werd begeleid, dat de prijs voor de beste voorbrenger ook bij deze combinatie kwam. Brons kwam in handen van Cornelia 133 van Terpstra, die evenredig ontwikkeld is, een vlotte stap liet zien  en van een aansprekend melktype is. Terluins Ymkje 89 toonde ten opzichte van de verzamelde concurrentie ietwat een stagnatie in de ontwikkeling, maar beschikt over een best skelet, had misschien ook niet de behoefte om vandaag te excelleren, vormde een mooi slotnummer.

    Rubriek 16, Koe met twee directe afstammelingen

    Hier betraden Moeder Reino 44, een dochter van Stadel-Red, en twee dochters, Reino 53 en 59 de ring. De stammoeder is een toonbeeld van duurzaamheid, want best bewaard, met een uitstekend uier, fraai beaderd en mooi ‘op bloei’, bovendien is het beenwerk niet veel aan slijtage onderhevig, kortom een klasserijk sieraad in ‘it bislach’ fan de fokker, Noordenbos. De dochters hebben eveneens goed beenwerk, gebruiken dat goed en beschikken ook over mooie, goed gedragen uiers.

    Als geheel liet deze familie een indruk achter van uniformiteit en duurzaamheid.

    Rubriek 17, Afstammelingen van een Stier

    Twee fokkers hadden dochters van drie stieren ingeschreven, waarbij Jorna met twee afvaardigingen, namelijk dochters van Shoremar James en Talent, misschien de hoop koesterde om de nakomelingen van Classic, ingebracht door Haytema-Haitsma, te ‘mangelen’. Die opzet slaagde niet maar het was een sfeervolle rubriek die Classic uiteindelijk toch op 1A deed belanden. De Caudumer dochters  Hinke 97, Anna 61 en Hinke 102 lieten zien wat Clasic in zijn mars heeft. Dieren met een sterke bovenbouw, mooie lange kruizen, beste mooi beaderde uiers en vlotte stappers. Voor Jorna’s dochters van Talent was de 1B positie. Zijn Fockema-oord dochters Hendrina 387, Akke 123 en Hendrina 381 vormen mooie met veel melkopdruk gezegende dieren, beschikken over beste uiers, vooral op stand showen ze voorbeeldige achteruiers. Als geheel missen ze ietwat uniformiteit ten opzichte van hun als eerste geplaatste opponenten en de uitstraling zou robuuster kunnen zijn. Niettemin ook hier een toonbeeld van wat een stier vermag. Tenslotte had hij nog de dochters van Shorman James als kanshebbers in het vuur. Het drietal Fockema-oord producten Hendrina 378, Hiltje 181 en Hendrina 382, scoorde met name in de achteruier minpuntjes en het gemis aan jeugdigheid kon niet voldoende door de goede stap van het trio worden gecompenseerd. Een interessante rubriek die de kijkers door deze twee bedrijven kregen voorgeschoteld.

    Rubriek 18, Bedrijfscollecties, vijftallen

    Drie bedrijven hadden de moeite genomen om hun fokvee hiervoor op te geven. Het vijftal van Noordenbos haalde in een mooie, aansprekende competitie de 1A positie binnen. De Reino-dynastie met  nummer 44, 53 (de reservekampioen van 2009 bij de jonge koeien), 59 (idem bij de vaarzen in 2009), 61 en 63 haalden individueel en collectief gezien de beste uniformiteit, sterke ruime dieren, begiftigd met goed ‘fuotark’. Hylkema, in het verleden wel eens triomfator bleef steken op 1C. Laudia 100, 97 en 95, Cilia 93, Margaretha 200 vormen een mooie uniforme groep, goed gebouwd, maar waren als het op macht aankomt, de mindere van de beide tegenstrevers. Ook Jorna deed een gooi naar het hoogste eremetaal, maar moest genoegen nemen met zilver, nog immer een begerenswaardig edelmetaal. Zijn Fockema-oord Hendrina 381, de iets oudere 378 telg uit die stam, de nummers 382 en 387, alsmede Akke 120 vormden een sterk goed ontwikkeld quintet, maar de minpuntjes op de uiers voorkwam een staatsgreep op de koppositie.

    Rubriek 19, Bedrijfscollecties, vijftallen

    Hier traden de vijftallen van Haytema-Haitsma, Kuipers en Van der Valk tegen elkaar in het strijdperk. De kwaliteit van de drie ‘matsjedoaren’ ontliep elkaar weinig. Veel uniformiteit vooral bij de al eerste twee geëindigde bedrijven. Op 1A het quintet van Haytema-Haitsma. De Caudumers Hinke 76, 111, 97, Anna 61 en als ‘vreemde eend’ want zwartbont, in het roodbonte ‘bijt’ Hinke 102, straalden veel uniformiteit uit, zijn individueel heel sterk en beschikken over beste uiers en dito beenwerk. Kuipers’ adellijke jonkvrouwen Chaple Jollie, Femcora, Sam Vera, Damion Eileen en Dolman Julli;T is een groep melkrijke dieren die iets verloop in de lactatiestadia vertonen, echter zeer uniform en krachtig gebouwd. Als zeer goede bronzen equipe kwam het vijftal van Van der Valk uit de strijd. Dedje 446, de kampioen oudere koeien 2009 Alida 24, Rika 282, T Mina 136 en Dedje 461 vormen een groep beste melkrijke dieren, maar de gewenste uniformiteit liet per individu steekjes vallen en belette daardoor een echte doorbraak naar de top. Oorspronkelijk zou er nog een competitie voor bedrijfscollectie, als rubriek 20 opgenomen in het programma, plaatshebben. Door de afmelding van het bedrijf van maatschap De Boer uit It Heidenskip werd de overblijvende inschrijver, de maatschap Kuipers, overgeheveld naar rubriek 19.

    Rubriek 21, Beste bedrijfscollectie van deze keuring

    De beide 1A collecties van de rubrieken 18 en 19 traden voor deze krachtmeting nog eens in het strijdperk. Het waren twee prachtige voorbeeldige groepen fokdieren, top of the bill. Sieraden voor de fokkerij en een genot om te mogen beoordelen. Maar aldus de woordvoerder van de jury, dan doet zich het dilemma voor, kies je voor de hardheid van de gevestigde orde of misschien toch liever de aanstormende jeugd? En de verschillen zijn overigens, deze twee criteria buiten beschouwing gelaten, zeer miniem. De geheel roodbonte, sublieme armada van Noordenbos bestaat uit klasbakken, zoals in het wielrennen toppers wel worden omschreven, met veel elan en hele beste fraai geaderde uiers, met voldoende bloei, en de groep houdt elkaar goed vast. Vooral die voorbeeldige uiers van het eskadron belligerenten van Noordenbos leveren ten opzichte van die van de Caudumers winstpunten op. Dat resulteert dan in een van de kant van de jury zeer wel overwogen maar welverdiend en van harte door de concurrent gegund kampioenschap, zo blijkt uit de spontane felicitaties van de ‘verliezer’, wat heet met zo ’n formidabele zilveren collectie.

    Rubrieken 22, beste toilet respectievelijk beste voorbrenger

    Was de achterstand van de Caudumers in de vorige rubriek zeer miniem, in deze rubrieken is het weer alles Caudumer wat de klok slaat. Hinke 153 werd gekroond tot ‘best getoiletteerde’ bij de kalveren en iets van die eer straalde natuurlijk af op haar voorbrenger Olrik van der Velde en zegt het spreekwoord niet ‘Jong geleerd, is oud gedaan? De beste voorbrenger zat ook in de stal van Haytema-Haitsma, namelijk Bauke Folkertsma. Hij griste met het goed in de ring brengen van Hinke 137, die heel volgzaam was, die prijs weg voor de neus van zijn concurrenten.

    Rubriek 23, Koe met de beste uier

    Uit de 9 met groen lint getooide kanshebbers verkoos de jury, die kenbaar maakte er moeite mee te hebben dat er wel eens geringschattend, veronachtzaamd ook, over dit onderdeel wordt gedaan, unaniem Damion Eileen van Kuipers. Deze primus inter pares scoorde op dit onderdeel vooral goed met de breedte en de goede lengte, benevens dat de banden correct aansluiten en de spenen zeer goed zijn geplaatst. Namens de familie Van der Valk betrad Janke Ybema-van der Valk, dochter van wijlen Piet van der Valk, de grote animator van Keuringsdei, de ring om de voor deze kampioen door haar familie beschikbaar gestelde trofee, een fraai beschilderd wandbord, aan Julius Kuipers uit te reiken.

    Tot slot van deze enerverende, veel kwaliteit biedende keuring volgde de bekendmaking van de kampioenen met aansluitend de uitreiking van de bijbehorende linten door de lieftallige lintendames Tianne Stellingwerff en Margriet de Vries. Bovendien volgden natuurlijk gelukwensen van de organisatie in de persoon van de voorzitter Henk Dykstra en namens onze gemeente overhandigde loco-burgemeester Eiling de winnaar zijn felicitaties, vergezeld van een ferme handdruk. Tot slot volgde dan uit de luidsprekers het door de nog vele omstanders meegezongen volkslied.

     

    Parade der kampioenen

    Jonge kalveren: kampioen Caudumer Hinke 146;     Reservekampioen: Caudumer Hinke 149

    Oudere kalveren: kampioen Caudumer Hinke 137;   Reservekampioen: Caudumer Hinke 138

    Vaarzen: kampioen Caudumer Hinke 97;                   Reservekampioen: Caudumer Hinke 111

    Al deze kampioenen en reservekampioenen eigendom van de maatschap Haytema-Haitsma, Koudum, een prachtige en wellicht in de historie van Keuringsdei een unieke, niet eerder vertoonde prestatie.

     

    Jongere koeien: kampioen Damion Eileen, Kuipers, It Heidenskip; Reservekampioen: Fockema-oord Hendrina 381 van Jorna, Gaast.

    Desgevraagd was het ongeveer een halve eeuw (!) geleden dat dieren uit de destijds bekende fokstal van wijlen de vader van de huidige inzender, Answerd Jorna, zo hoog in de regionen van Keuringsdei eindigden. Dan bekruipt je bij het vernemen van deze bijzonderheid toch een moment van – nauw verholen - ontroering.

    Oudere koeien: kampioen Reeuwkje 107, uit de al vaker gelauwerde fokstal van maatschap Noordenbos, It Heidenskip, reservekampioen: stalgenoot Reino 53.

     

    In de strijd om het Algemeen kampioenschap van Keuringsdei 2010 kwamen nog eenmaal de matadoren – de afdelingskampioenen - in de arena. De spanning was in en buiten de ring voelbaar. De laatste krachten werden voor de greep naar de ultieme macht van deze dag verzameld. Voor de laatste maal deze dag kwamen de sublieme kwaliteiten en adellijke gestalte van Damion Eileen (maatschap Kuipers) tot ontplooiing. Een prachtige terugkeer in de Workumer arena van een fokstal die eigenlijk al vele decennia tot de ‘harde kern’ van ‘Workum’ behoort, het vorig jaar weliswaar af liet weten, maar vandaag weer volop meestreed in de al 110 jaar bestaande traditie van deze bij uitstek Workumer dag, die dan culmineerde in een Algemeen kampioenschap met allure.

     

     





    << Terug
    Hogenelst Yachts Interiors    Hunia's Drukkerij    link naar hetstekeltje    StringIT    Op de hoek van de stal    Organische meststoffen Culterra    De Galerie    Thijs van der Meer Slagerij    
    Tapijthal F.M. de Boer Workum    De Workumer Jachthaven    link naar groenbloem    De Klameare    Bouwbedrijf J. de Boer    Fashion by Fré    Bouma kraanverhuur    HJG Verzekeringen Workum