Home
Home Informatief Foto's Contact
12 - 07 - 2018 - Oud-Workumers weer even op "aldfaars grun"

Oud-Workumers weer even op "aldfaars grun"

 

Jan Pieter Dykstra

 

Afgelopen week wapperde het geel-zwart-geel-zwart weer van de oude toren bij de Merk. Teken voor ingewijden, en dat zijn er velen, dat de Oud-Workumers hun jaarlijkse midweekbijeenkomst hebben. Trouwens, niet alleen geëmigreerde Workumers zijn van de partij bij het traditionele programma, dat in de loop der jaren niets aan populariteit heeft ingeboet, ook veel inwoners melden zich bij koffie en andere voor de menselijke constitutie min of meer noodzakelijke - zelf  te bepalen - voedingsmiddelen in de Klameare.

Traditioneel vormt de vergadering van de vereniging op de dinsdagmorgen de aftrap van een drie dagen durende reunie, waar  gezelligheid en bijpraten duidelijk de boventoon voeren.

De bestuursperikelen beperkten zich deze keer tot het gelukkige feit dat Gerrit Twijnstra de honneurs, waar het het secretariaat van de vereniging betreft, overneemt van Bé Ouderkerken en dat Puck de Boer-Kuperus naast haar echtgenoot Auke Frearks de Boer, die de financiën beheert, de ledenadministratie zal gaan verzorgen. De beoogde opvolger van voorzitter Guus Brauner had zich wegens gezondheidsproblemen moeten terugtrekken, zodat Bräuner die functie voorlopig nog waarneemt. Aansluitend aan de vergadering kreeg de nieuwbenoemde secretaris de gelegenheid kort iets te vertellen over het onlangs gepresenteerde standaardwerk, dat kun je gerust stellen, over de geschiedenis van de boerderijen en hun bewoners in It Heidenskip.

Dinsdagavond werd de "ferdivedaasje" verzorgd door Henk Deinum, oud-Workumer, tegenwoordig soms het nieuws halend als wethouder in Leeuwarden. Hy rekke op de tekst oer syn omke Andries Deinum. Wij kennen laatstgenoemde waarschijnlijk vooral van het boek dat een aantal jaren terug verscheen onder de titel: Fryslân Revisited, verslag van een weerzien. Die gebeurtenis vond plaats in 1946 toen Andries na de oorlog weer even zijn Heitelân opzocht. Tijdens de oorlog, hij is in de jaren dertig naar Amerika gegaan, deed hij belangrijk werk als militair officier voor de Amerikaans inlichtingendienst en moest hij onder meer een oogje houden op prins Bernhard en diens toen ook al niet onomstreden escapades...

In de VS had Deinum al naam gemaakt in de filmindustrie. Toen hij het Heitelân in genoemd jaar bezocht, maakte hij uit pure liefhebberij van zijn geboorteplaats en omgeving veel fraaie fotos, die een tijd uitbeelden die niet meer bestaat. Een behoorlijk aantal van die fotos vormt de fundering van het boek.

Maar gelukkig trok Deinum het leven van omke Andries in een veel breder perspectief waarin de hele familie Deinum voor het voetlicht werd gehaald. Het predicaat geslaagd was zonder meer van toepassing, aldus een toehoorder uit de goed bezette zaal.

 

Woensdag is altijd gereserveerd voor de boottocht over onze eigen wateren. Spijtig te moeten constateren dat waar de dichter ooit gewag maakte van "it lân dat tilt fan fee en blommen", nu nauwelijks nog vee, bloemen en vogels zijn waar te nemen.

Vergezeld door een stralend zonnetje zette de boot om 9 uur koers naar de spoorbrug om door de Inthiemafeart richting IJlst te koersen en vandaar naar de bestemming Sneek, waar aan boord een goed verzorgde lunch werd gebruikt en vervolgens kon worden gepassagierd. Om half twee werd de terugtocht aanvaard om dan circa half vijf weer af te meren bij de pleats van voorheen de familie D. D. van der Werf, ooit bekende veefokkers met de stalnaam: Warkumer.

 

Na het zeer verzorgde en smakelijke buffet in de Klameare was de beurt aan het via radio en tv bekende duo Grytz en Grize. Hoewel er van de "emigrés" velen in het ongewisse verkeerden wie er achter deze namen schuilgingen, was vanaf de eerste maten duidelijk dat dit optreden als een "boppeslach" kan worden beschouwd. De dame van het duo in kwestie heeft een fris, fleurich, licht-tintelend stemgeluid, aangenaam gelijk in de zomer de "beanhearre" (droge noorde-of oostenwind,die naar men meent de bonen op het veld doen rijpen en hard worden) over de landerijen strijkt. Wel bijna zeker dat het gebrachte repertoire een geduchte factor voor die classificatie "boppeslach" betekende. Ooit de hitlijsten bestormend, heeft de tand des tijds er inmiddels evergreens van gemaakt. Everly Brothers, Ricky Nelson, Trini Lopez, Fats Domino, Doris Day, maar ook Gurbe Douwstra, It Feintsje fan Menaam, Heit mei ik mei en Hwat bisto leaflik rizende simmermoarn. Natuurlijk mocht hij niet uit het tienertijdperk van inmiddels een groot deel der toehoorders ontbreken: de King, oftewel Elvis the pelvis, wiens revolutionaire heupbewegingen onze ouders destijds hoofdschuddend hebben aanschouwd. Gedachten aan buikschuiven op bordeelsluipers (de bekende Hushpuppys) welden op, rock en roll, petticoats, Peggy Sue, de wiegende dansvloer van de bovenzaal van De Wijnberg, de eerste dansavonden in het dorpshuis van It Heidenskip met bestuursleden achter de bar om toezicht te houden: geen bier voor 22.00 uur. Pour moi la vie va commençer. Wat een tijden, toch? Het slotnummer: "What a wonderful world" van Louis Armstrong paste perfect als klinkende afsluiting van een prachtige dag.

Dan donderdag nog een laatste bijeenkomst met enkele getrouwen van het legioen en samen nog een keer het afscheidslied zingen dat Feitse de Vries, de grote animator van de Oud-Workumers, dichtte. Alweer verleden tijd, tabeh, tot ziens, oant sjen!  

Bron: Workumer krant Friso

 



<<   Terug

.